Eigen geld voor nu en voor later

Als je kind kan tellen, kun je het zakgeld gaan geven. Maar hoevéél geef je? En wanneer is je kind klaar voor zijn eigen bankrekening en hoe spaar je zelf het gunstigst voor studie of eerste rijbewijs?

Met zakgeld geven leer je je kinderen met geld omgaan. Een kind krijgt daardoor gedeeltelijk verantwoordelijkheid over de eigen uitgaven. Belangrijk bij zakgeld geven is dat je het iedere week geeft en niet gebruikt als sanctiemiddel of juist als beloning.

Het Nibud adviseert ouders zelfs een zakgeldcontract af te sluiten, waarin staat hoeveel zakgeld je kind krijgt en wat het daarvan moet doen. Daarvoor is het handig eerst samen met je kind een lijst te maken met wat je kind allemaal wil kopen en hoeveel geld daarvoor nodig is. Een andere manier is rondvragen bij ouders van vriendjes en vriendinnetjes hoeveel geld die krijgen en wat daarvan moet gebeuren. Opvoedingsdeskundige Elsie Sloot adviseert daarbij ook niet boven je eigen budget te gaan zitten. "Wat je geeft moet in verhouding staan tot je inkomen. Het komt vaak voor dat ouders zich schamen voor hun lage inkomen en daarom juist veel geld geven. Zo leren kinderen niet dat er grenzen zijn aan jóuw inkomen."

Zakgeld is een manier voor je kind om te leren dat geld ook 'op' kan. Met iedere keer geven waar je kind om vraag, creëer je kredietlimietmisbruikers. Elsie Sloot: "Kinderen krijgen vaak het idee dat de stroom geld oneindig is. Dat doen ouders bijvoorbeeld door ze met hun pas te laten pinnen. Zeggen dat je het niet helpt, werkt dan niet. Je haalt het toch gewoon met een kaartje uit de muur?" Mede doordat kinderen vaak niet leren wat hun financiële grenzen zijn, krijgen ze later vaak geldproblemen.

Het kan gebeuren dat je kind vindt dat het recht heeft op meer geld. Dat kun je volgens het Nibud onderwerp maken van onderhandelingen, waarin je het met je kind hebt over zijn inkomsten en uitgaven. Verder verhoog je het zakgeld ieder jaar met een bedrag dat in verhouding staat tot het voorgaande.

Er schuilt een gevaar in te weinig zakgeld geven. Elsie Sloot: "Kinderen die te weinig krijgen kunnen gaan pikken. Kinderen die stelen moeten te veel doen voor te weinig geld. De praktijk leert dat het daarover hebben en zakgeld verhogen het beste helpt."

Sparen

Zakgeld geef je voor het eerst als je kind kan tellen en muntjes uit elkaar houden, dus als het zes jaar is. Verwacht echter niet dat je kind dan al dure en goedkope dingen uit kan onderscheiden. Ook heeft een zesjarige niet een financiële lange termijn planning. Je kunt hem volgens Elsie Sloot al wel een beetje laten sparen door bijvoorbeeld een euro te geven en vijftig cent te laten besteden aan snoep en de rest in de spaarpot te stoppen. Zakgeld is goed om kinderen van te laten sparen. "Ze vinden het zelfs heel leuk om te doen. Je leert ze ermee dat wachten wordt beloond en doen heel erg hun best." Een manier om sparen te stimuleren is het geld zichtbaar houden, bijvoorbeeld door een doorzichtige spaarpot te kopen.

Fred, vader van Youp (7) en Daan (5): "Youp had laatst vier euro gespaard van zijn zakgeld van een euro in de week en daarmee zijn we samen naar de speelgoedwinkel geweest. Het duurde een uur voordat hij iets had uitgekozen; een autootje. Dat was wel binnen een uur kapot. Maar dat zelf iets uitkiezen was voor hem al een belevenis op zich."

<einde quote>

Bankrekening

Rond zeven jaar kun je overwegen om met je kind een bankrekening te openen. Zo leert het ook omgaan met ander geld dan contanten: pinnen, overboeken en afschrijvingen. Banken hanteren daar allerlei verschillende normen en faciliteiten voor en proberen kinderen te lokken met computerspellen, internetsites of spannende spaarpotten. En krijg je bij de ene bank met vijf jaar al een pinpas met chipknip, de andere geeft deze betaalmogelijkheden pas met twaalf jaar.

Gelukkig moet je als ouder altijd meetekenen voor deze zaken, dus bepaal je zelf waar en wanneer je kind gaat bankieren. Ook mag je kind nooit rood staan op zijn eigen bankrekening. De meeste hebben ook nog een limiet op het per dag af te halen bedrag. Ga niet automatisch naar de bank waar je zelf bankiert. Wat banken aan rente geven op de rekeningen voor hun jongste klanten, kan flink verschillen.

Extraatjes verdienen

Vindt je kind dat het extra geld nodig heeft? Extraatjes verdienen moet kunnen met klusjes in huis. Voorwaarde is dat het echt iets extra's is dat de kinderen doen. Als je kind al iedere dag helpt met de tafel dekken dan hoef je daar geen geld voor te geven. Wel kun je een bedragje afstaan als je kind bijvoorbeeld heeft geholpen met de statiegeldflessen en bijvoorbeeld een paar dubbeltjes geven omdat het de flessen in de tas heeft gedaan of in de winkel op de band heeft gezet

Sandra, moeder van Oscar (8) en Frank (5): "Oscar kreeg op zijn achtste verjaardag voor het eerst zakgeld, twee euro in de week. Een portemonnee met zijn naam erop en zijn eerste eigen geld was wel het mooiste verjaardagscadeau."

Richtbedragen voor zakgeld van het Nibud

Leeftijd weekbedrag

Tot en met zes jaar minder dan 1 euro

7 t/m 9 jaar euro 1 tot euro 2,50

10 en 11 jaar euro 1 tot euro 4

12 jaar euro 2,75 tot 4,75

Annemieke, moeder van Tom (6) en Koen (3): "Vorige Koninginnedag -Tom was toen nog vijf- gaven we hem vijf euro om te besteden op de vrijmarkt. Binnen een uur had-ie bijna alles weggegeven aan oudere vriendjes, die hem uiteraard heel dankbaar waren. Hij had echt geen idee."

Saskia, moeder van Boris (8) en Viktor (6): "Voor de vakantie hadden ze allebei tien euro gekregen van opa en oma. Boris had alles er in week één al doorgejaagd, Viktor is veel spaarzamer. Die had na drie weken nog negen euro over."

Sparen voor je kind

De studie of het rijbewijs van je kind worden vaak mede mogelijk gemaakt door de ouders of grootouders. Om op de achttiende verjaardag een flink bedrag bij elkaar te hebben, is het verstandig te kiezen voor een spaarrekening met het beste rendement. Waarschijnlijk heb je al zo’n rekening bij je eigen bank met een naam als Sneltrein rekening of Kinder Toekomst Plan, waar opa en oma ook op storten. Of opa en oma hebben voor de kinderen zelf ook nog ergens een rekening lopen. Maar met de lage rente van tegenwoordig groeit het geld op deze rekeningen niet zo hard als de namen doen vermoeden.

De meeste spaarplannen zitten zo in elkaar dat je gedurende een lange tijd geld vastzet voor je kinderen, dat op de achttiende verjaardag vrij komt. Behalve een cadeautje bij het openen bieden de rekeningen over het algemeen niet echt gunstige voorwaarden. Soms is de rente die je krijgt zelfs lager dan die van een gewone huis-, tuin-, en keuken rekening zoals een internetspaarrekening. Wel hanteren sommige banken à la de Zilvervloot van vroeger een bonus over het gespaarde tegoed, bijvoorbeeld als het geld tien jaar lang vaststaat.

Groot nadeel van alle kinderrekeningen is dat het geld pas vrij kan komen na vijf, tien of vijftien jaar. Er zijn betere mogelijkheden om het geld zo lang vast te zetten op de naam van je kind.

Andere rekening?

Neem de spaarrekeningen van je kinderen daarom eens onder de loep en vergelijk rente en looptijd met andere spaarproducten van je eigen bank of die van een ander. Kijk ook of het geld makkelijk van de rekening is te halen. Staat het geld tot de achttiende verjaardag vast, dan kun je niets doen. Maar mag je het geld na vijf jaar al eraf halen, dan is het in veel gevallen handig om het ergens te parkeren waar je meer rente krijgt.

Banken bieden namelijk een goede rente als je geld voor een langere tijd wilt vastzetten. Je kunt alle soorten rekeningen op naam van je kinderen zetten. Kies daarom voor een ander spaarproduct zoals een rentecertificaat of een rekening gekoppeld aan de aandelenkoersen. Deze leveren iets meer op, maar je loopt het risico dat het geld niet groeit als de AEX een dipje heeft. Datzelfde geldt in sterkere mate nog als je het geld voor je kind in een beleggingsfonds stort.

<Quote>Joost, vader van Tom (4) en Luuk (0) en verzekeringsadviseur: "Tom krijgt ieder jaar voor zijn verjaardag geld van opa en oma en zelf sparen we ook nog voor hem. Een gewone spaarrekening levert met deze rentestand helemaal niets op. Zelf beleggen wilde ik niet, te veel moeite. Daarom hebben we nu een beleggingsspaarekening. Die heb je tegenwoordig met rentegarantie zodat je bijna geen risico loopt.

<einde Quote>

Straks studeren

Verzekeraars en banken bieden ook vaak studieverzekeringen aan. Dat is meestal een combinatie van verzekeren en beleggen. Het verzekeren zit ‘m in dat de verzekering blijft doorlopen als degene die hem heeft afgesloten komt te overlijden. Je bent er dus zeker van dat je kind ook aan het einde van de rit beschikking heeft over geld om te studeren, ook als jij er niet meer bent.

De inleg van de verzekering wordt besteed aan participaties in beleggingsfondsen. Maar een groot deel gaat op aan administratiekosten, aan- en verkoopkosten en de premie voor de overlijdensrisicoverzekering. Daardoor kan het rendement op zo’n verzekering behoorlijk tegenvallen. Tel daarbij het beleggingsrisico op en je komt wellicht tot de conclusie dat een studieverzekering niet zo’n hele goede keuze is.

Afkopen

Als je al zo'n polis voor je kind hebt lopen en je wilt op een andere manier gaan sparen, dan kun je hem afkopen. Omdat je vooral in het begin veel kosten betaalt, geldt hoe korter de polis loopt, hoe minder geld hij oplevert. Vaak heb je dan minder dan de inleg terug. De verzekeraar geeft je ieder jaar een overzicht van de waarde van de polis, zodat je een idee hebt van het af te kopen bedrag.

Wat ook kan is premievrij maken. Dat betekent dat de inleg minus kosten blijven staan, maar nog wel belegd worden door de verzekeringsmaatschappij. Je betaalt de premie echter niet. Vraag ook hiervoor naar de voorwaarden en kosten bij je verzekeraar.

<kadertje>

Spaargeld en de fiscus

Al je spaartegoeden, dus ook die van je kind, zijn bij jou belast. Deze moet je optellen bij je beleggingen en andere vermogen in box 3, waarover de zogenaamde vermogensrendementsheffing moet worden betaald, als je per persoon een vermogen hebt van € 19.522*. Per minderjarig kind mag je daar € 2607* bij optellen. Over alles wat je meer aan vermogen hebt, moet je belasting betalen in box 3.

Sparen je ouders of schoonouders ook voor je kind laat hen dan zelf een rekening openen en het spaartegoed beheren. Dan betalen zij de rendementsheffing in box 3 in plaats van jijzelf.

*bedragen zijn van 2006

<einde kadertje>